Algemeen
Uitzettingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening betreft met name de vorderingen op debiteuren inzake sociale uitkeringen en de vorderingen op de overige gemeentelijke debiteuren.
De in de balans opgenomen uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden:
(bedrag x 1.000) | ||||
Boek- waarde | Voorzie-ning Oninbaar-heid | Balans- waarde | Balans- waarde | |
Vorderingen op openbare lichamen is vanaf 2025 vervangen door: | 6.739 | |||
Vorderingen op: | ||||
- Gemeenten | 91 | 91 | ||
- Gemeenschappelijke regelingen | 132 | 132 | ||
- Overige overheden | 6.830 | 6.830 | ||
Overige vorderingen (niet-overheid): | ||||
- Debiteuren niet-overheid | 671 | -98 | 572 | 793 |
- Debiteuren sociale zaken | 663 | -57 | 606 | 638 |
- Faciliterend grondbeleid | -161 | -161 | 270 | |
Verstrekte kasgeldleningen (art. 1a Wet Fido) aan: | ||||
- Gemeenten | ||||
- Gemeenschappelijke regelingen | ||||
- Overige overheden | ||||
Overige verstrekte kasgeldleningen (niet-overheid) | ||||
Rekening courant verhouding met het Rijk | ||||
Rekening courant verhoudingen overige niet-financiële instellingen | 3.007 | 3.007 | 3.172 | |
Uitzettingen met een looptijd < 1 jaar: | ||||
- In 's Rijks schatkist | 43.714 | 43.714 | 42.139 | |
- In de vorm van Nederlands schuldpapier | ||||
- Overige uitzettingen | ||||
Liquide middelen (kas- en banksaldi) | 27 | 27 | 418 | |
Totaal uitzettingen | 54.975 | -155 | 54.820 | 54.169 |
De balansstanden zijn uitgebreid omdat het CBS de EMU-schuld van de Nederlandse overheid goed moet kunnen samenstellen. Het gaat hierbij om de geconsolideerde schuld, met andere woorden: schulden van overheden aan elkaar dienen te worden weggestreept. Hierom zijn balansposten met leningen van en aan verschillende overheden toegevoegd.
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Overtollige middelen dienen in principe in de schatkist aangehouden te worden. Hierop zijn vier uitzonderingen:
- Nazorgfondsen zoals ingesteld op basis van de Wet Milieubeheer;
- Middelen op een geblokkeerde rekening bij de belastingdienst;
- Bestaande beleggingen (peildatum 4 juni 2012);
- Een drempelbedrag.
Een drempelbedrag is een minimumbedrag (afhankelijk van de omvang van het begrotingstotaal) dat gemiddeld buiten de schatkist mag worden gehouden. In beginsel moeten alle overtollige middelen in de schatkist worden aangehouden, tenzij die onder het drempelbedrag gerekend kunnen worden. Per kwartaal mag het gemiddelde van deze middelen niet boven het drempelbedrag uitkomen. Overtollige middelen op de BNG rekening worden dagelijks automatisch naar de schatkist afgeroomd.
(bedrag x 1.000) | |||||
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren | Verslag-jaar 2025 | ||||
(1) | Drempelbedrag | 2.246 | |||
kwartaal 1 | kwartaal 2 | kwartaal 3 | kwartaal 4 | ||
(2) | Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen | 207 | 196 | 183 | 226 |
(3a) = (1) > (2) | Ruimte onder het drempelbedrag | 2.039 | 2.050 | 2.063 | 2.020 |
(3b) = (2) > (1) | Overschrijding van het drempelbedrag | - | - | - | - |
(1) Berekening drempelbedrag | Verslag-jaar | ||||
(4a) | Begrotingstotaal verslagjaar | 112.300 | |||
(4b) | Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen | 112.300 | |||
(4c) | Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat | - | |||
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van | Drempelbedrag | 2246 | |||
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen | |||||
kwartaal 1 | kwartaal 2 | kwartaal 3 | kwartaal 4 | ||
(5a) | Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) | 18.668 | 17.830 | 16.837 | 20.759 |
(5b) | Dagen in het kwartaal | 90 | 91 | 92 | 92 |
(2) = (5a) / (5b) | Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen | 207 | 196 | 183 | 226 |
Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de paragraaf Financiering .
Overige vorderingen (niet-overheid) - Faciliterend grondbeleid
Bij faciliterend grondbeleid heeft de gemeente zelf geen grond in haar bezit en voert niet zelf de grondexploitatie, maar gebeurt dit door een private ontwikkelaar. De kosten die de gemeente maakt worden in dat geval verhaald op de private partijen. Er is dus geen sprake van een bouwgrond in exploitatie of een voorraad grond in bezit van de gemeente, maar van een vordering op een derde partij. Feitelijk schiet de gemeente kosten voor die op basis van een overeenkomst worden teruggevorderd bij een derde partij, dan wel op basis van het exploitatieplan mogelijk in de toekomst kunnen worden teruggevorderd van een derde partij.
Het verloop faciliterend grondbeleid in 2025:
(bedrag x 1.000) | ||||||||
Boek-waarde | Van niet in exploitatie genomen gronden | Investe-ringen | Opbreng-sten | Voorzie-ning verlies-latend complex | Boek-waarde voor winst/ | Winst/ | Boek-waarde | |
Faciliterend grondbeleid: | ||||||||
Baexem Mariabosch (Gelissen Vastgoed BV) | 372 | 2 | 374 | 374 | ||||
Neeritter Op den Heuvel-Zilleveld/Linderveld | 154 | 154 | 154 | |||||
Roggel, Beeklaan | -102 | 307 | -116 | -778 | -689 | -689 | ||
Overige vorderingen | 270 | 463 | -116 | -778 | -161 | -161 |
Met betrekking tot het faciliterend grondbeleid worden de volgende bijzonderheden toegelicht op de balans:
Baexem - Kloosterterrein Mariabosch
In 2022 heeft de provincie voor dit project (Beleidskader ISV 3) subsidie verleend. Bij ontvangst van de verleende subsidie heeft de gemeente deze middelen doorgezet naar de ontwikkelaar. Begin 2024 hebben Gedeputeerde Staten van de Provincie Limburg vastgesteld, dat de ontwikkelaar niet aan de gestelde resultaatverplichtingen heeft voldaan, waardoor het voorschot terugbetaald dient te worden aan de provincie. De terugbetaling aan de provincie heeft reeds plaatsgevonden eind 2024. Over de terugbetaling door de ontwikkelaar aan de gemeente zijn afspraken gemaakt en contractueel vastgelegd. Het moment van betaling is onderdeel van de fasering in de realisatie van de woningen. Deze realisatie wordt echter geblokkeerd door een aanhoudende juridische procedure om het middendeel van het klooster als monument aan te wijzen.
Neeritter Op den Heuvel - Zilleveld/Linderveld
In Neeritter wordt het woningbouwplan Zilleveld tot realisatie gebracht. Dit woningbouwplan is in het verleden gestart door een van de project B.V.’s van Nieuwe Borg. In 2014 zijn zowel de project B.V.’s als het moederbedrijf van Nieuwe Borg failliet verklaard. Door het faillissement van Nieuwe Borg is uitvoering van alle afspraken c.q. overeenkomsten niet meer aan de orde. Dit leidde ertoe, dat het openbaar gebied niet werd aangelegd.
De gemeente heeft in oorsprong geen verplichting tot het aanleggen c.q. afronden van het openbaar gebied. Maar de bewoners vroegen de gemeente om hulp en realisatie van het openbaar gebied. In 2021 heeft de gemeente besloten het openbaar gebied binnen het plangebied Zilleveld in Neeritter voor eigen rekening en risico aan te leggen en de gronden daartoe aan te kopen uit de faillissementsboedel. Deze werkzaamheden zijn in 2023 en 2024 uitgevoerd en leidden conform het eerder genomen raadsbesluit tot een onttrekking uit de reserve grondexploitatie in 2024 en 2026. Daarnaast is een anterieure overeenkomst gesloten met de ontwikkelaar, waarmee beoogd wordt extra woningen in Neeritter (Zilleveld en Linderveld) te realiseren. Dit voor rekening en risico van de ontwikkelaar.
Roggel - Beeklaan
In 2025 zijn de noodzakelijke vergunningen verleend. Het bouwrijp maken en de werkzaamheden van de nutsbedrijven zijn afgerond. De aannemer start in 2026 met de woningbouw. Het woonrijp maken van de infra start na de bouwvakantie 2026. De verwachting is dat de facilitaire grondexploitatie afgesloten zal worden in 2027. Vanuit reserve grondexploitatie (€ 285.000) en reserve herstructureringsfonds (€ 493.000) is een verliesvoorziening gevormd van € 778.000.